Boerenkool! Ja, je leest het goed. Die typisch Hollandse winterkost groeit gewoon in de grond en jij mag hem er zelf uittrekken. Vergeet die plastic zakken in de supermarkt; dit is pas echt leven. Trek je laarzen aan, pak een stevige snoeischaar (of gebruik gewoon je handen) en ga naar een van de vele zelfplukboerderijen in Nederland.

Het plukken zelf: een koude, maar gezellige missie

Boerenkool is een taaie rakker. Hij staat er in de winter gewoon in het veld bij, kaal en vrieskou trotserend. Geen flauwekul. Plukken doe je het beste nadat er een paar keer nachtvorst is geweest. Dan wordt de kool namelijk zoeter. Met een groep is het hilarisch: je staat met z’n allen in een modderige rij, bladeren af te snijden, terwijl je vingers langzaam gevoelloos worden. De kinderen vinden het geweldig om de grootste bladeren te zoeken, alsof ze een schat vinden. Tip: pluk de buitenste, donkergroene bladeren. Die zijn het meest smaakvol. De binnenkant is te licht en te mals, dat wordt straks babypap.

Thuis: wat nu?

Thuis moet je even doorzetten. Boerenkool is geen ‘spoelen en klaar’-groente. Leg de bladeren in een grote bak water, spoel ze goed (zand, zand, zand!) en snijd vervolgens de harde nerven eruit. Daarna rol je de bladeren op en snijd je ze in superfijne reepjes. Of je gooit ze in de keukenmachine. En dan? Twee klassiekers en een cocktail om je plukavontuur compleet te maken.

Recept 1: Stamppot boerenkool met rookworst (de klassieker)

Kook 1 kg kruimige aardappelen in weinig water met een scheutje melk. Stoom of kook de gesneden boerenkool 5 minuten apart. Giet de aardappelen af, stamp ze fijn met een klont boter. Meng de hete, gestampte aardappelen door de boerenkool (niet andersom, dan blijft het groen!). Breng op smaak met peper, nootmuskaat en een beetje zout. Serveren met een flinke rookworst, een klontje boter erbij en jus. Je kunt de boerenkool ook nog stoven met een uitje en wat spekjes voor een extra hartige smaak.

Recept 2: Boerenkoolpesto

Ja, je leest het goed. Boerenkoolpesto is een geniale manier om die overgebleven plukresten op te maken. Blancheer 200 gram gesneden boerenkool 2 minuten in kokend water en spoel koud. Doe in een keukenmachine met: 50 gram geroosterde pijnboompitten of walnoten, 1 teen knoflook, 75 gram geraspte Parmezaanse kaas en 150 ml olijfolie. Pulseer tot een romige maar nog wat grove pesto. Heerlijk door pasta, op een toastje of als dip.

Cocktail: Boerenkool-smoothie met gin (voor de durfals)

Deze is voor als je het écht uitbundig viert. Doe in een blender: een handvol (ongeveer 50 gram) fijngesneden rauwe boerenkool (de nerven eruit!), het sap van 2 appels, een halve groene appel in stukjes, een scheut citroensap en 50 ml gin. Mix tot een glad geheel. Zeef het eventueel als je geen vezels wilt. Serveer in een mooi glas met ijs en een schijfje appel. Het is fris, groen en totaal onverwacht. Proost op de oogst!