Duindoorn is een doornige struik met feloranje bessen die dicht op de takken groeien. De bladeren zijn smal en zilvergroen, en de plant wordt één tot vier meter hoog. Je vindt hem vooral in duingebieden en langs de kust, waar hij goed tegen zout en wind kan.

Plukken

Duindoornbessen zijn rijp van eind augustus tot oktober, soms tot in november als er vorst is geweest. De bessen zijn dan helder oranje, iets zacht maar niet papperig, en smaken zuur en fris. Plukken is lastig door de doorns en de dichte trossen. De meeste boeren oogsten na de eerste vorst, omdat de bessen dan losser zitten. Ze vriezen de takken soms eerst in of gebruiken een vriespray, waarna ze de bessen eraf schudden of kammen. Leg een zeil of net onder de struik om de bessen op te vangen.

Als je zelf plukt, draag handschoenen en gebruik een schaar om trossen af te knippen. Snijd niet te veel takken weg, want de struik maakt elk jaar nieuwe bessen. Laat wat bessen hangen voor vogels. De bessen zijn kwetsbaar en kneuzen snel, dus doe ze voorzichtig in een bakje. Pluk liever ’s ochtends, als het koel is.

Op sommige boerderijen staan rassen als ‘Leikora’, ‘Askola’ of ‘Friesdorfer’, die iets verschillen in grootte en zuurgraad. Een enkele keer kom je een doornloze variant tegen, maar die is zeldzaam.

Thuis

Spoel de bessen pas af vlak voordat je ze gebruikt, anders worden ze snel zacht. Haal stelen en blaadjes eraf en zeef de bessen als je sap of puree maakt, want de pitten zijn oneetbaar. Bewaar ze in een afgesloten bakje in de koelkast, dan blijven ze twee tot drie dagen goed. Voor langer bewaren vries je ze in: spreid ze eerst uit op een bakplaat zodat ze niet aan elkaar vriezen, en doe ze daarna in een zak of bakje. Zo blijven ze een jaar goed.

Duindoornjam

Voor 4 potten

  • 1 kg duindoornbessen
  • 750 g suiker
  • 1 zakje geleisuiker (voor 500 g fruit)
  • sap van ½ citroen
  1. Was de bessen en verwijder stelen en blaadjes.
  2. Doe de bessen in een pan met 100 ml water en verwarm ze zachtjes tot ze zacht zijn. Pureer ze met een staafmixer of wrijf ze door een zeef om de pitten te verwijderen.
  3. Voeg de suiker, geleisuiker en het citroensap toe en breng het mengsel aan de kook. Roer tot de suiker is opgelost en laat het 4 minuten doorkoken.
  4. Schep de jam kokendheet in gesteriliseerde potten en draai de deksels er direct op.

Duindoornsap

Voor 1 liter

  • 500 g duindoornbessen
  • 500 ml water
  • 100 g suiker (naar smaak)
  • sap van ½ citroen
  1. Was de bessen en verwijder stelen en blaadjes.
  2. Doe de bessen in een pan met het water en breng aan de kook. Laat 10 minuten zachtjes koken.
  3. Giet het mengsel door een fijne zeef of kaasdoek en druk de bessen goed uit. Voeg suiker en citroensap toe en roer tot de suiker is opgelost.
  4. Laat het sap afkoelen en bewaar het in de koelkast. Het blijft ongeveer een week goed.

Duindoorn Sour

Voor 1 glas

  • 50 ml duindoornsap
  • 40 ml gin of wodka
  • 20 ml citroensap
  • 15 ml suikersiroop
  • ijsblokjes
  • een schijfje citroen (optioneel)

Doe alle ingrediënten in een shaker met ijs en schud goed. Zeef het mengsel in een gekoeld glas en garneer eventueel met een schijfje citroen. Voor een alcoholvrije versie vervang je de gin door extra sap of een scheutje sodawater.