Wij Nederlanders houden van zelfplukken. Of het nu met een jutezak in de hand is of met een schaar voor de bloemen, er is iets heerlijks authentieks aan het oogsten van je eigen fruit. En het mooiste? Je proeft het direct terug in je glas, op je bord of in je vaas.
Kies een zonnige dag, trek je klompen of laarzen aan en rijd met vrienden of de kids naar een van de vele plukboerderijen in Nederland. Lach, wijs de mooiste appels aan, of wedstrijd wie de grootste bramen vindt. Het is een feestje om tussen de bomen of struiken te struinen. Proef een hapje – dat mag hoor, van een biologische boom – en laat de modder aan je vingers plakken. Pak nooit te veel in één keer: fruit moet niet beurs raken door elkaars gewicht. Een rieten mand is ideaal; plastic tassen zijn funest voor de tere vruchtjes.
Eenmaal thuis heb je een schat aan mogelijkheden.
Twee kookrecepten:
- Appel-kaneelcrumble: Stoof gesneden appels (goudrenet of elstar) met wat suiker, kaneel en een scheutje citroen. Bedek met een mengsel van havermout, boter, bloem en bruine suiker. Bak 30 minuten op 180°C tot goudbruin en knapperig. Eet met een bol vanille-ijs.
- Pruimenchutney: Snijd pruimen in partjes, fruit ze met uitjes, gember, knoflook, azijn, bruine suiker, chilivlokken en een steranijs. Laat 45 minuten pruttelen tot het dik en jamachtig is. Heerlijk bij oude kaas of een varkenshaasje.
Cocktailrecept:
- Frambozen-zomertwist: Pureer een handvol frambozen met een beetje suiker. Zeef de pitjes eruit. Meng met 50 ml wodka of jenever, 30 ml vers citroensap, 20 ml eenvoudige siroop en ijsblokjes. Schud goed, giet in een gekoeld glas en vul aan met bruiswater. Garneer met een framboos en een takje munt.
Pak dus je mand, kies je favoriete fruit, en maak er een onvergetelijke middag van met elkaar. De oogst smaakt dubbel zo zoet.

