Gewoon barbarakruid – het klinkt misschien een beetje stoer, maar eigenlijk is het een van de vrolijkste wilde kruiden die je zelf kunt plukken in Nederland. Op verschillende plukboerderijen en zorgboerderijen staat het gewoon voor het oprapen. Het is een plant met kleine, vrolijke gele bloemetjes en wat vlezige, lichtgroene blaadjes. Het leuke? Je plukt het zo met een gerust hart, samen met de kids of een paar vrienden. Even een schaartje mee – en opletten dat je de blaadjes en jonge bloemen pakt. Het groeit vaak in groepjes, dus je hebt snel een mandje vol. Voor je het weet sta je te lachen om wie de mooiste rozet heeft gevonden.

Thuis: hoe gebruik je het? Barbarakruid smaakt lekker pittig – een beetje peperig, fris en licht mosterdachtig. Het is heerlijk door een salade, op een boterham met roomkaas, of door een stampotje voor een twist. Omdat het een kruid is, geven we je één recept voor thee en daarnaast nog een extra recept voor een vrolijke toepassing.

Recept 1: Thee van gewoon barbarakruid
Voor 2 kopjes

  • Handvol verse barbarakruidblaadjes en -bloemen
  • 500 ml kokend water
  • eventueel een theelepel honing

Doe het kruid in een theepot, giet er kokend water over en laat 5-7 minuten trekken. Zeef het en drink het puur of met een beetje honing. De thee smaakt fris en kruidig, een beetje zoals een milde mosterdthee – heel verrassend en goed voor de spijsvertering.

Recept 2: Barbarakruid-knoflookboter
Heerlijk op een stuk brood of door de pasta

  • 100 g roomboter (kamertemperatuur)
  • 2 handjes fijngehakte barbarakruidblaadjes en -bloemen
  • 1 teen knoflook, geperst
  • snuf zout

Meng alles door elkaar. Rol het in plasticfolie en leg het een uurtje in de koelkast. Daarna kun je het in plakjes snijden – ideaal op een geroosterd broodje, door gebakken aardappeltjes of over een stukje gegrilde vis. Met die gele bloemetjes erin ziet het er ook nog eens feestelijk uit.