Peulen plukken in Nederland: een vrolijk dagje uit

Niets is zo leuk als op een zonnige dag met vrienden of familie naar een plukboerderij te rijden en zelf je peulen te oogsten. Peulen, ook wel sugar snaps of peultjes genoemd, hangen frisgroen en knapperig aan de ranken. Het plukken is een waar feestje: je hoort het zachte knak als je ze voorzichtig van de plant trekt. Kinderen vinden het geweldig om tussen de rijen door te lopen en de mooiste exemplaren te zoeken. Tip: kies peulen die stevig aanvoelen en helder van kleur zijn. Hoe verser, hoe zoeter!

Eenmaal thuis kun je ze niet laten staan – ze verdwijnen zo in je mond als gezonde snack. Maar er is meer! Peulen zijn heerlijk in salades, roerbakgerechten of kort gekookt als bijgerecht. Twee makkelijke recepten om mee te beginnen:

Recept 1: Peulen met knoflook en sesam Verhit een scheutje olijfolie in een wok. Fruit twee fijngesneden teentjes knoflook. Voeg 300 gram peulen toe en roerbak 3 minuten. Bestrooi met een eetlepel sesamzaadjes en een scheutje sojasaus. Serveer als knapperige groente bij rijst of noedels.

Recept 2: Romige peulenpasta Kook 200 gram pasta beetgaar. Stoof intussen 250 gram peulen in een beetje boter met een ui en wat tijm. Voeg 100 ml kookroom en 50 gram geraspte Parmezaanse kaas toe. Meng de pasta erdoor en breng op smaak met peper en zout. Een snelle doordeweekse topper!

Cocktailrecept: Peulenmojito (jawel!) Pureer 100 gram peulen met 10 muntblaadjes en het sap van 1 limoen. Voeg 50 ml witte rum, 1 eetlepel suikersiroop en ijs toe. Schud goed en giet in een glas. Vul aan met bruiswater. Garneer met een peul en een takje munt. Verrassend fris!

Of je nu plukt voor de maaltijd, de cocktail of gewoon voor de pret: peulen plukken is een heerlijk Nederlands uitje. Geniet ervan!