Tabaksplant? Ja, je leest het goed. In Nederland kun je op een aantal biologische boerderijen zelf je eigen tabaksplant komen plukken. Het is een bijzondere, bijna nostalgische ervaring. Je loopt tussen de hoge, weelderige planten met hun grote, zachte bladeren en trompetvormige, roze bloemen. Het is geen werk voor de snelle plukker: je selecteert de onderste, rijpste bladeren – die beginnen te verkleuren van groen naar geelgroen. Met een voorzichtige knik breek je ze van de stam. Een heerlijk rustgevend klusje om met vrienden of familie te doen, terwijl de geur van de plantengrond en zoete bloesem om je heen hangt. Neem een rieten mand of een linnen tas mee; de bladeren mogen niet te veel worden geplet.

Thuis aan de slag

Eenmaal thuis begint het echte werk: drogen en fermenteren. De simpelste methode is de bladeren te rijgen aan een touwtje en ze in een donkere, goed geventileerde ruimte (zo’n 20 graden) te hangen. Na een paar weken zijn ze kurkdroog. Dan maak je er zelf shag van: kneus de bladeren tot kleine stukjes en laat ze nog een week in een afgesloten pot narijpen. Maar je kunt met tabak meer doen dan alleen roken (als dat je ding is). Het is een prachtig, veelzijdig ingrediënt.

Voor fruit of groente? De tabaksplant is strikt genomen verwant aan de aardappel en tomaat, maar we eten hem niet als groente – het blad is rauw giftig. Toch kun je er culinair mee experimenteren als smaakmaker. Hier zijn twee verrassende recepten:

Recept 1: Tabak-bladsaus bij gegrild vlees
Ingrediënten: 10 verse (of gedroogde) tabaksbladeren, 2 tenen knoflook, 200 ml slagroom, 50 g boter, zout, peper.
Bereiding: Verwarm de oven op 150 graden. Leg de tabaksbladeren 10 minuten in de oven om de nicotine wat te laten verdampen (niet langer, anders worden ze bitter). Laat ze afkoelen en snipper ze fijn. Smelt de boter, fruit de knoflook, voeg de tabakssnippers toe en blus met de room. Laat 5 minuten zachtjes pruttelen, pureer en breng op smaak. Druppel deze rokerige, licht nootachtige saus over een steak.

Recept 2: Gefermenteerde tabak-honing voor over kaas
Ingrediënten: 10 gedroogde tabaksbladeren, 200 g honing, 1 eetlepel appelazijn.
Bereiding: Verkruimel de bladeren en meng ze door de honing met de azijn. Doe in een weckpot en laat 2 weken op een donkere plek staan (dagelijks schudden). Zeef de honing daarna. Druppel deze rokerige, complexe honing over een stuk oude geitenkaas of blauwaderkaas.

Theerecept (voor kruiden)
Omdat tabak officieel een kruid is, maar je geen thee van de bladeren kunt zetten (te veel nicotine), gebruiken we de bloemen. De trompetvormige, roze bloemen van de tabaksplant zijn wel mild en eetbaar.
Tabaksbloementhee: Pluk 10 verse bloemen. Spoel ze kort, doe ze in een theepot en giet er 300 ml kokend water bij. Laat 7 minuten trekken. Zeef en drink met een schijfje citroen. De thee is zacht, bloemig en licht zoet – een kalmerend avonddrankje (zonder de kick van de bladeren).

Cocktailrecept (voor fruit)
Omdat tabak geen vrucht is, maar we wel een feestelijke cocktail kunnen maken:
Tabak-Bourbon Zonsondergang
Ingrediënten: 1 gedroogd tabaksblad, 60 ml bourbon, 30 ml sinaasappelsap, 15 ml ahornsiroop, ijs, een takje rozemarijn.
Bereiding: Verkruimel het tabaksblad en laat het 10 minuten trekken in de bourbon (zeef daarna). Doe de bourbon, sinaasappelsap en ahornsiroop in een shaker met ijs, schud krachtig. Schenk in een glas met groot ijsblok. Garneer met rozemarijn. De rokerige tabakstonen combineren perfect met de zoete bourbon.

Decoratietip (voor bloemen)
De plant zelf is een pronkstuk. Na het plukken van de bladeren blijven de bloemen prachtig. Snijd de stelen schuin af en zet ze in een hoge vaas – ze blijven een week goed. Combineer ze met donkere zonnehoed of siergrassen voor een boho-tafereel. Of droog de bloemen ondersteboven; ze verkleuren naar crème en blijven maanden mooi in een droogboeket.